Fort aan de Klop

Identificatie

Verdedigingslinie
Nieuwe Hollandse Waterlinie
Objectnaam
C.a.1 Fort aan de Klop
Objectnaam (alternatief)
Fort aan de Klop
Afbeelding
Klop
Objecttype
Objecttype (trefwoord)
batterijfort
NHW-code
C.a.1
RM-code
514431
Oppervlakte
2,74 ha
Huidige functie
camping
horeca
Bouwkundige staat
gerestaureerd
Monument type
rijksmonument
Bijzonderheden algemeen

Waar tot 1960 de noordgrens van de stad Utrecht liep, begint nu de wijk Overvecht. Ingeklemd tussen die wijk en de stad ligt, in een groene oase, een van de oudste verdedigingswerken van de Nieuwe Hollandse Waterlinie: Fort aan de Klop. Dit batterijfort, ooit voorzien van opstelplaatsen voor geschut (batterijen) achter de aarden omwalling, maakte deel uit van de hoofdverdediging van de stad Utrecht. In tijden van oorlog moest het de hoofdroutes, vaarwegen richting stad en de bijbehorende sluizen verdedigen. In onder water gezet land zouden deze doorgangen kwetsbaar blijven.

Op het veelhoekige forteiland, sinds 1997 in bezit van de gemeente Utrecht, springt het centraal gelegen torenfort met uitwendig trappenhuis in het oog. De toren van Westbatterij Muiden heeft een soortgelijke constructie. Het ronde wachtgebouw doet sinds 2007 dienst als brasserie. In de houten loodsen op het terrein bevinden zich een herberg, groepsaccomodaties en vergaderruimtes. Het bijna 3 hectare metende eiland omvat ook een kleinschalige (autovrije) trekkerscamping.

Locatie

Linie
Nieuwe Hollandse Waterlinie
Provincie
Utrecht
Gemeente
Utrecht
Plaats
Utrecht
Adres
1e Polderweg 4
Postcode
3563 MC
Eigenaar

Gemeente Utrecht sinds 1997

X-Y coördinaten
52.11963;5.08902
Bijzonderheden

Samen met forten De Gagel, Blauwkapel, De Bilt, Vossegat en de vier Lunetten op de Houtense Vlakte vormde het Fort aan de Klop een eerste verdedigingslinie oostelijk van Utrecht. Het fort dankt zijn naam aan herberg De Clophaemer, die vroeger op dezelfde plek stond: waar de Klopvaart uitkomt op de Vecht.

Op dit belangrijke kruispunt, met een veerdienst in plaats van de huidige brug, werd al in 1629 een tijdelijk aarden verdedigingswerk aangelegd. Dit om de Spanjaarden buiten de deur te houden. In 1787 kwam hier opnieuw een aarden werk (schans) te liggen, dit keer om de opmars van het Franse Leger via de Vechtdijk te stuiten.

Voor de linie was de Vecht een belangrijke ‘leverancier’ van water. De toevoer ervan naar de lager gelegen polders was afhankelijk van de nabijgelegen sluizen in de Vecht en de sluis in de Klopvaart. Naast verdediging van de Vechtdijk, Klopdijk en Polderweg was bewaking van de rivier en de vaart met hun sluizen daarom minstens zo belangrijk.

Historie object

Bouwjaar
1819
Bouwperiode
Bouwperiode 1815-1826
Bouwmateriaal
bakstenen
Bouwmateriaal (trefwoord)
baksteen
Oorspronkelijke functie

De functie van het fort bestond onder andere uit de bescherming van de stad Utrecht als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

De primaire taak van het fort bestond uit het afsluiten van enige hoofdroutes naar de stad (en vaarwegen) zoals de Vechtdijk, de Klopdijk, en de Eerste Polderweg. Ook de nabij gelegen inundatiesluizen die bedoeld waren om het polderlandschap onder water te kunnen zetten (inunderen) via de Klopvaart moesten worden bewaakt.

Oorspronkelijke bezetting

84 manschappen

Aantal geschut
onbekend

Bijzonderheden

Bijzonderheden historie object

Aanleiding voor de bouw van Fort aan de Klop (1819-1821) was het besluit dat Utrecht veilig achter de linie moest komen te liggen. Dat betekende het begin van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

In eerste aanleg was het fort niet meer dan een klein rechthoekig stuk land, omringd door een aarden wal en gracht. Krap 30 jaar later ging het op de schop. Het terrein kreeg meer omtrek en een onregelmatige, veelhoekige vorm. In 1850 verrees de ronde ‘bomvrije’ toren, met gracht en ophaalbrug.

Deze had twee bouwlagen en een open dakverdieping, voorzien van een borstwering met schietgaten. Het hoogste punt van het trappenhuis diende als uitkijk- en seinpost. Op de benedenverdieping beschikte elke ruimte over schietsleuven voor hand- of schouderwapens en er waren vier ruimtes voor mortieren. De toren was berekend op 83 man en 6 stukken geschut.

Omdat het Werk bij Maarsseveen eind negentiende eeuw zijn functie grotendeels overnam, ging het fort niet mee in de laatste ‘revisieronde’ van de linie (1880-85). Na 1914 fungeerde het, behalve in tijden van mobilisatie, als depot, hulpverbandplaats en opslagplaats voor dynamiet. Tijdens de Koude Oorlog was heet een reparatiewerkplaats voor oorlogsvoertuigen. Vanaf 1980 verhuurde Defensie het fort en werden er politiehonden getraind.

Waardering

Waardering
bijzonder
Omschrijving waardering

Fort aan de Klop is goed bewaard gebleven. Zelfs de meidoornhaag langs de aarden wallen is er nog. De wortels houden de wal stevig, de stekels dienden als prikkeldraad. Uniek zijn het ‘open dak’ en uitkijkpost op de toren. Elders verdween die bovenste verdieping en kreeg de toren een aarden ‘jas’. Omdat het fort in belang afnam zijn deze aanpassingen hier niet uitgevoerd. Wel is de torengracht in 1930 gedempt.

De toren is opgeknapt. Vochtproblemen maakten een cementlaag over het oude metselwerk noodzakelijk, verder is de toren verstevigd en hersteld in oude staat. Ook de drie houten (artillerie)loodsen zijn opgeknapt. Verder is er nog een loods met typerende halfronde vorm uit 1875 – in 1905 verplaatst van Lunet I – en een grote naoorlogse voertuigenloods uit de Koude oorlog.

De gerenoveerde brug over de fortgracht uit 1891 bevat een uitneembaar middenstuk, kenmerkend voor de linie. Vlak bij de brug staat de fortwachterswoning uit 1882.

Het fort is vrij toegankelijk en een rondleiding met gids behoort tot de mogelijkheden.

Documentatie

Literatuur

Will, Chr. Sterk Water. De Hollandse Waterlinie. Uitgeverij Matrijs, Utrecht, 4e druk, 2011. 180 pp.