Fort Vossegat

Identificatie

Verdedigingslinie
Nieuwe Hollandse Waterlinie
Objectnaam
C.c.1 Fort Vossegat
Objectnaam (alternatief)
Fort Het Vossegat
Afbeelding
bomvrijgebouw_vossegat
Objecttype
Objecttype (trefwoord)
gebastioneerd fort
NHW-code
C.c.1
RM-code
514410
Huidige functie
bedrijf/bedrijvencomplex
Bouwkundige staat
gerestaureerd
Bouwkundige staat in
2013
Monument type
rijksmonument
Bijzonderheden algemeen

Van Fort Vossegat, ooit een groot fort met drie bastions, aarden wallen en een fortgracht, is niet veel over. Het bomvrije wachthuis staat nog wel overeind en is fraai gerestaureerd.

Het fort moest de Kromme Rijn en zijn oevers, de weg Utrecht-Bunnik en een belangrijke sluis verdedigen. Het had ook de functie van ‘wachtfort’ en opslag van materieel voor de gedekte gemeenschapswegen. Anders dan die naam doet vermoeden waren dit militaire wegen waarlangs transport van troepen en materieel plaatsvond.

De voormalige Kromhoutkazerne, gebouwd tussen 1910 en 1922 neemt slechts een deel van het voormalige fortterrein in beslag. Sinds 1998 huist hier de campus van het University College van de Universiteit Utrecht.

Aan de oostkant van het terrein is een omvangrijke nieuwe kazerne gebouwd (19 hectare), die sinds eind 2010 onder meer in gebruik is als hoofdkwartier van de Koninklijke Landmacht.

Het negentiende-eeuwse wachthuis en enkele andere restanten van het voormalige fort maken deel uit van de nieuwe Kromhoutkazerne. In het wachthuis vinden regelmatig recepties en andere bijeenkomsten plaats.

Om te voorkomen dat het fort in de vergetelheid raakt, is er een informatiebord geplaatst en zullen de contouren ervan straks in de bestrating van de Weg tot de Wetenschap herkenbaar zijn.

Locatie

Linie
Nieuwe Hollandse Waterlinie
Provincie
Utrecht
Gemeente
Utrecht
Plaats
Utrecht
Adres
Herculeslaan 1
Postcode
3584 EE
Eigenaar

Staat

X-Y coördinaten
52.08234;5.15035
Bijzonderheden

Op de noordoever van de Kromme Rijn, waar de Minstroom uitmondde in de Kromme Rijn, bevond zich Fort Vossegat. Die naam verwijst naar de gelijknamige boerderij die ooit aan dit deel van de Minstroom stond. Het fort vormde samen met Fort aan de Klop, De Gagel, Blauwkapel, Fort aan de Biltstraat en de vier Lunetten op de Houtense Vlakte de binnenste fortenring ten oosten van Utrecht. Vossegat ligt tussen het Fort aan de Biltstraat en de Lunetten, die elkaar zo nodig geschutsondersteuning konden bieden.

Na aanleg van een tweede fortenring fungeerde het fort ook als ‘vangnet’ voor het Fort bij Rijnauwen en het Werk aan de Hoofddijk.

Ten oosten ervan bevinden zich drie houten woningen, ook wel kringenwetwoningen genoemd. De Kringenwet (1853) bepaalde wat er binnen de drie kringen van 300, 600 en 1.000 meter rond een fort gebouwd mocht worden. Houten huizen waren toegestaan, omdat deze bij oorlogsdreiging snel neer te halen of af te branden waren. Een vrij schootsveld ging in dat geval voor wonen.

Even ten noordoosten van het fort staan, langs een voormalig inundatiekanaal, drie groepsschuilplaatsen van gewapend beton uit 1939, vanwege hun vorm ook wel ‘piramides’ genoemd. Deze boden dekking aan 11 manschappen.

Historie object

Bouwjaar
1817-1819
Bouwperiode
Bouwperiode 1815-1826
Bouwmateriaal
bakstenen
Bouwmateriaal (trefwoord)
baksteen
Oorspronkelijke functie

Verdediging van de Kromme Rijn met oevers, weg en inundatiesluis.

Aantal geschut
39 stuks geschut

Bijzonderheden

Bijzonderheden historie object

Op de plek waar in 1787 een opstelplaats voor geschut (batterij) verrees, werd tussen 1817 en 1819 Fort Vossegat aangelegd. Aan westzijde werd het fort in 1849-51 uitgebreid met een op zichzelf staand eilandje met (rol)brug en bomvrij wachthuis. Op dit ‘reduit’ konden de manschappen zich terugtrekken als de vijand tot het fort was doorgedrongen.

Het wachthuis bestond uit 13 lokalen, waarvan 8 voor logies. Een keuken, een wachtruimte en munitiemagazijnen completeerden het geheel. Verschillende ‘privaten’ waren er voor manschappen, officieren en onderofficieren, maar uiteindelijk waren het allemaal dezelfde poepdozen. Ondergronds bevonden zich 3 provisiekelders.

In 1861 werd een grote ‘inundatiesluis’ gebouwd in de Minstroom, in de oostpunt van het fortterrein. Bij onderwaterzetting (inundatie) kon deze het water uit die rivier tegenhouden, zodat de Kromme Rijn buiten zijn oevers zou treden en het omringende, gebied onder water kwam te staan.

Rond 1860 zorgde verder dragend geschut ervoor dat de veiligheid van de stad niet langer gegarandeerd was. Daarom werd verder naar het oosten een tweede fortenring gebouwd. Het belang van Fort Vossegat nam hierdoor af en het kreeg een eenvoudiger opzet.

Op een naastgelegen terrein werd tussen 1910 en 1913 de Kromhoutkazerne aangelegd, het eerste Nederlandse kazernecomplex met ‘paviljoenopzet’.

Waardering

Omschrijving waardering

Hoewel bijna de hele fortgracht en alle aarden wallen van Fort Vossegat in de jaren zestig van de vorige eeuw zijn opgeofferd aan de nieuwe kazerne en aanleg van een weg, heeft het nog altijd de status van rijksmonument. Op het terrein van de nieuwe Kromhoutkazerne zijn naast het bomvrije wachthuis nog enkele onderdelen van het fort aanwezig, zoals de bijzondere inundatiesluis, beter bekend als ‘brug met 12 gaten’. De Tamboershut is een weinig militair aandoend houten gebouw met rieten dak en torentje, in 1875 gebouwd als officiersonderkomen. Net als het wachthuis en de sluisbrug is het gerestaureerd bij aanleg van de nieuwe kazerne

Het fort, eigendom van Defensie, is niet toegankelijk, in tegenstelling tot de oude kazerne, die geen deel meer uitmaakt van het militaire complex. Hier zijn behalve militaire gebouwen uit diverse periodes, met even zovele bouwstijlen, enkele overblijfselen te zien van het oude fort, zoals een munitiedepot en een brug. Bovendien zijn vanaf dit terrein van University College Utrecht het bomvrije wachthuis en de Tamboershut goed te zien. De brug annex sluis is te bekijken vanaf de Weg tot de Wetenschap, ten oosten van het fort. Fort Vossegat ligt op de route van het Waterliniepad.

Documentatie

Literatuur

Will, Chr. Sterk Water. De Hollandse Waterlinie. Uitgeverij Matrijs, Utrecht, 4e druk, 2011. 180 pp.